
Een inheemse kruisiging
De gekruisigde Christus versmolten met een eikenboom. Het beeld fascineert mij als eikenliefhebber mateloos. Deze afbeelding is ontleend aan een legende van een Alonso de Ovalle (1601–1651). Hij was afkomstig uit Chili; door missionarissen tot het katholieke geloof gebracht en te werk gesteld in Rome in de orde van de Jezuïeten. Ovalle legde in kronieken historische verhalen vast over zijn vaderland. Een van die verhalen gaat over een bovennatuurlijke goddelijke verschijning in de oerwouden van Chili. In de vallei van Limache bij Valparaíso ging een inheemse indiaan in 1636 een boom kappen. Nadat hij de eerste slag van de bijl had toegebracht, zag hij tot zijn stomme verbazing dat de boom de vorm had van een kruis met een hangende man. Hij stopte meteen met hakken en hief zijn handen vol ontzag en overgave ten hemel.

Deze legende is voor het eerst vastgelegd onder de titel: ‘De Allerheiligste Christus van de Eik die verscheen in het landschap van Alcántara.’ In het volksgeloof ging het verhaal een eigen leven leiden als ‘Christus van de eik’.
De legende leeft voort in verschillende variaties van overleveringen; niet alleen in Chili, maar ook in Mexico. Zo is er een versie dat de indiaan die de boom velde, blind was. Bij de eerste slag van zijn bijl spoten druppels sap uit de boom in zijn ogen, waarna hij zijn zicht terug kreeg. Zijn geopende ogen zagen de lijdende Heer in de stam van de boom.

Jezuïet Alonso de Ovalle gaf in zijn kroniek een nauwkeurige beschrijving van de Zuid-Amerikaanse wonderboom: ‘Deze boom vormt een perfect kruis, en daarop is het beeld te zien van een kruisbeeld ter grootte en dikte van een volmaakte man, waarin de armen duidelijk en scherp zichtbaar zijn, en hoewel ze verbonden zijn met die van het kruis, steken ze erboven uit, alsof ze half uitgehouwen zijn. De borst en de zijkant zijn gevormd op de stam, met de ribben en botten zichtbaar tot aan de taille. Daaronder is alleen het lichaam zichtbaar, gehuld in een heilig lijkkleed, en noch gezicht noch hoofd zijn te onderscheiden, maar de vage vingers en handen wel.’ De boom kreeg een plek in een speciaal gebouwde kapel, die al snel uitgroeide tot een bedevaartsoord voor de inheemse bevolking die zich tot het katholieke geloofd had bekeerd.

Hoe duiden we deze legende? ‘Christus en de eik’ beschouw ik als een geslaagde zendingsstrategie. De inheemse bevolking van Zuid-Amerika zag en ziet bomen als levende, goddelijke wezens. De Europese kolonisten die het christendom propageerden, vonden het vereren van bomen verwerpelijk. Het natuurgeloof moest bestreden worden. In Europa kozen de missionarissen voor een boude aanpak. Van zendeling Bonifatius is bekend dat hij eikenbomen liet omhakken. Het waren bomen waaraan de Germanen goddelijke betekenis gaven. In Zuid-Amerika werden de kruisiging van Christus en de wonderlijke genezingskracht van de Heiland verbonden aan bomen die voor inheemse volkeren betekenisvol waren. Zo bleef het respect voor bomen behouden en kreeg het een nieuwe religieuze lading.
Waarin de missionarissen van weleer een uitglijder maakten, is de keus van de boomsoort in de legende. De eik komt van nature niet voor in Chili. Het is een typisch Europese boom. De Chileense eik verwijst meestal naar de Roble Morado, een groenblijvende boom met kenmerken van een eik.
Het beeld van de lijdende Heer verweven met de eikenboom krijgt voor mij in onze tijd weer nieuwe zeggingskracht. We leven in een tijdsgewricht waarin bomen, dieren en planten zwaar te lijden hebben onder onze welvaartsdrang. Het is de troostvolle gedachte dat Jezus ook dat lijden en zuchten van de schepping heeft gedragen aan het kruis.
*******
Afbeelding 1: Cristo de la Encina (Christus van de eik), 1750–60. Ets, 35.5 × 23.6 cm. Gepubliceerd door André Basset, Paris. Collection of the British Museum, Londen.
Afbeelding 2 : Cristo de la Encina, 18e eeuws. Olieverf op canvas. San Vicente de Alcántara, Badajoz, Spain. Foto: Isidro Álvarez / Tecnigraf.
Afbeelding 3: Christus van de levende eik. Anonieme Mexicaanse kunstenaar, 19e eeuw, olieverf op blik, El Paso Museum of Art.
Afbeelding 4: Cristo de la Encina, 18e eeuw. Hout, polychroom. Santuario de Nuestra Señora del Encinar, Ceclavín, Cáceres, Spanje.
Wim Eikelboom is voorzitter van Artway en rivier- en boomjournalist.
Met dank aan Victoria Emily Jones van artandtheology-org.
%20(1).png)





